7reacties

Fietser en oergevoel

Afgelopen week reed een automobilist, pal voor mijn neus, een fietser aan op de oversteek die daar juist is aangelegd om het jonge grut dat in grote getalen door onze wijk rijdt te beschermen. Allemaal tieners die in Helmond Noord naar school gaan en zich daar voorbereiden op hun toekomst als volwassene. De gemeente beschermt deze vrolijk fietsende jeugd met fietspaden en goed aangegeven oversteekplaatsen waar zij voorrang hebben. Zo ook op dit overzichtelijke punt waar het vaak raak is. Automobilisten, wat mankeert jullie?

Wat ik heb gezien was helemaal niet nodig! Of de bestuurder de voorgeschreven snelheid van 30 kilometer in de Vinkelaan respecteerde weet ik niet. Wat ik wel weet is dat hij op geen enkele wijze snelheid minderde toen hij de fietsoversteek naderde. Hij reed gewoon door terwijl daar 2 scholiertjes van een jaar of 12 passeerden. Het was volle bak raak, midden op de fiets. Alsof het een kegel was knalde hij het ene kind op de grond, tegen het asfalt. De andere kon nog net de klap ontwijken.

Terwijl ik het slachtoffertje samen met de inmiddels uitgestapte bestuurder opraapte, beet ik de man toe dat deze aanrijding helemaal niet nodig was geweest! Op het stuk Vinkelaan van amper 400 meter dat hij net had afgelegd, liggen maar liefst 3 verkeersdrempels en geven 3 verkeersborden duidelijk aan dat je hier niet snel mag rijden en dat je moet opletten! En wat doet dan zo’n gast: die rijdt gewoon midden op één van die verkeersdrempels, waar het zicht prima is en waar hij moet stoppen, het kind van een ander tegen de grond! Toen ik van de desbetreffende automobilist ook nog een grote bek kreeg, was voor mij helemaal de maat vol! Terwijl het slachtoffer met een bebloede knie en een pijnlijk pols werd opgevangen door voorbijgangers, belde ik met de stoom uit mijn oren 112. Dat werd me niet door de automobilist in dank afgenomen. De moeder van het slachtoffer was inmiddels gebeld. Even later verschenen een politiewagen en een ambulance. De zorg voor het huilende en beduusde kind werd professioneel opgepakt.

Terwijl de automobilist zich tegenover het slachtoffer en zijn moeder uitputte in verontschuldigingen (“sorry, sorry, sorry”) deed ik samen met een andere getuigen tegenover de politie verslag van de gebeurtenissen. Kort en zakelijk, maar beiden heel duidelijk over het onverantwoorde rijgedrag van de bestuurder. Aan dat ”sorry” en ”mea culpa” van de man hadden wij geen boodschap! Even later ging ik, op verzoek van de moeder, met de fiets van het slachtoffer naar huis. Zij nam haar zoon in de auto mee.

’s avonds kwam de vader de fiets ophalen. Hij bracht een bos bloemen voor mij mee ”omdat ik zo goed voor hun zoon had gezorgd”. Een mooi gebaar dat ik op prijs stel. Wat mij betreft was dit niet nodig geweest. Mijn handelen werd ingegeven door het oergevoel dat je kinderen moet beschermen. Dat niemand het recht heeft ze te beschadigen ook al gebeurt dat niet met opzet. Als je dat ziet, denk je niet, je doet! In dit geval was er op zijn minst sprake van onzorgvuldigheid, onachtzaamheid, of gewoon desinteresse in andere weggebruikers. En het resultaat: een kind gewond en over zijn toeren, zijn vriendje geschrokken, de ouders héél erg geschrokken en omstanders boos. Kortom: volop emoties en dat allemaal de schuld van één domme jonge gast die zich in het verkeer niet weet te gedragen en de gezondheid van anderen op het spel zet.