Buiten is het 5 graden, binnen zit

De weblog van Helmond

meer over deze weblog »
Op de weblog kun je over Helmond praten, huilen en lachen.
Alle berichten op onze voorpagina zijn actueel of gaan langer mee dan de waan van de dag. Vrijwel dagelijks plaatsen wij iets nieuws.
Onder elk bericht staan de reacties (inmiddels al 91.609 sinds de start van de weblog in mei 2005) van andere Helmonders. Alleen lezen wat anderen schreven kan, leuker is het natuurlijk als jij ook jouw on-topic (?) reactie geeft.

Helmondse Helden

5reacties

logo of embleem van Helmondse HeldenMet wie ging domineeszoon Jan Benjamin Kam (1860 – 1932) zo al om voordat hij in Helmond neerstreek? In zijn jonge jaren schilderde hij samen met Vincent van Gogh op de Brabantse hei. Gerard Philips leerde hij kennen tijdens zijn studie voor civiel en bouwkundig ingenieur in Delft. Als architect in Amsterdam sloot hij vriendschap met Isaac Israels, Hendrik Berlage, Willem Kloos en Albert Verweij. In 1886 ging hij werken voor de sociale pionier Jacques van Marken in Delft. Daar had hij de supervisie over het unieke arbeidersdorp Agnetapark en trof hij zijn toekomstige vrouw, Maria Kruseman, die bekend staat als de eerste sociaal werkster van Nederland.
Dit mondaine leventje was in een klap verleden tijd toen hij, bijna dertig, samen met Egbert Begemann de directie ging voeren over de Koninklijke Nederlandsche Machinefabriek. Met negenduizend inwoners was Helmond op dat moment nog een dorp, een fabrieksdorp, met een voor buitenstaanders onwennige fysionomie. Zijn vriend Isaac Israels wilde hem eens per trein een bezoekje komen brengen. Eenmaal buiten het station schrok de fijngevoelige impressionist echter zo van de stank en het lawaai dat hij onmiddellijk rechtsomkeert maakte.
Het moet worden gezegd, Jan Kam schikte zich met overgave in zijn lot. Tot op zekere hoogte leek hij ook geknipt voor een leven in een Spartaanse provinciestad. Zo was hij niet enigszins maar extreem zwijgzaam. Hij richtte zich zelden tot zijn kinderen en als zijn broers uit het noorden op visite kwamen dan zaten ze urenlang met elkaar te roken zonder dat er een woord viel. Merkwaardig detail: hij droeg ook in huis dikwijls een hoed, alsof hij geen verschil kende tussen buiten en binnen.

Lees verder »

29reacties

de cover van het boek Helmondse Helden van Jef de JagerOp deze plek mag ik aankondigen dat vanaf 4 september a.s. in diverse regionale boekhandels te koop zal zijn het boek: Helmondse Helden.
Bezoekers van De weblog van Helmond zullen begrijpen waar het om gaat. Het is hier dat ik deze gelijknamige serie ben begonnen, die voordat ik het wist in een boekje resulteerde. Dit tekent het plezier dat ik eraan heb beleefd. Van alle publicaties die ik inmiddels aan Helmond heb gewijd, was deze de leukste om aan te werken, misschien omdat ik ditmaal alle conventies overboord heb gezet en geen stijlfiguur onbenut heb gelaten.
Een chauvinistisch verhaal is het niet geworden. Niet voor niets heet het boek Helmondse Helden in plaats van Helden van Helmond. Als ik de laatste titel had gekozen was het vast veel dikker geworden. Maar ik vond het interessanter om te kijken wat het Helmondse aspect van alle geportretteerden was, waarbij ik op vreemde paradoxen stuitte. De populaire politicus die zijn stad een misbaksel bezorgde. De beste Nederlandse componist aller tijden op wie niemand zat te wachten. Een universele ziener die ongezien bleef…
Wie het meeste indruk op mij gemaakt hebben kan ik niet zeggen. Maria van der Steen vond ik geweldig, zo ook Addy Kleijngeld en Gérard Princée. De grootste Helmonder aller tijden ontbreekt overigens in dit pantheon, maar dat is terecht. Niet alleen had ik over hem al een dik boek geschreven (De hemel van Helmond, 2007), diverse stadgenoten hebben hem zodanig in de wielen gereden dat hij naar elders is verhuisd.
Als blijk van waardering voor het gastheerschap van deze serie stel ik hierbij De weblog van Helmond vijf exemplaren ter beschikking om te verloten. Wie niet wil wachten op het vervolg van de avonturen van diverse plaatsgenoten, kan hieronder een reactie plaatsen met zijn of haar e-mailadres in het daarvoor bestemde hokje. Zo maak je kans op een boek dat in de winkel € 9,95 kost.
Zaterdag 5 september om 14.00 uur zal ik in De Ganzenveer aan de Oude Aa mijn boek presenteren en uitreiken aan een mystery guest.

Jef de Jager

.

Naschrift van de weblog:
Jef, prachtig dat jouw Helmondse Heldennu ook te boek zijn gesteld. We hopen dat dit boek net zo’n succes wordt als De Helmondse ziekte. Aan de inhoud zal het niet liggen. Nogmaals dank voor de 5 exemplaren voor onze  bezoekers. Het gastheerschap hebben we graag vervuld en zullen we tot het eind van de serie graag blijven vervullen.

2reacties

logo of embleem van Helmondse Helden

'Het beste is het raadsel te vergroten', zei Harry Mulisch ooit. Hier iemand uit Helmond die daarbij kan helpen: Paul Begemann (1879 – 1961). Paul was een fabrieksdirecteur die afstand deed van al zijn rechten en naar de Sovjet Unie vertrok om deel te nemen aan de communistische wereldrevolutie. Nog raadselachtiger is misschien dat hij, terug in Nederland, weer als zakenman aan de kost probeerde te komen. En helemaal vreemd is dat zijn laatste vrouw schoonheidsspecialiste was, toen een decadent beroep in de ogen van zelfs niet-communisten.
        Mensen moeten zich een pad banen in een complexe wereld, die door theorieën over die wereld nog complexer wordt gemaakt. En in Pauls ouderlijk huis werd druk getheoretiseerd. Zijn vader Egbert, zoon van een dominee, was de oprichter van de voormalige Machinefabriek Begemann aan de Kanaaldijk en had zich van meet af aan laten kennen als een idealist. Volgens Helmondse begrippen voerde hij een progressief sociaal beleid, al ging hij daarin lang niet zo ver als zijn vriend Jacques van Marken van de Delftse Calvé-fabrieken, Nederlands beroemdste pionier op het vlak van arbeidsverhoudingen. De oude Begemann zette weliswaar een ziekenfonds op, maar bijvoorbeeld van winstdeling en woningbouw voor arbeiders was bij hem geen sprake.

Lees verder »

9reacties

logo of embleem van Helmondse HeldenWillem Prinzen heeft er persoonlijk voor gezorgd dat twee bedelordes  Helmond als arbeidsterrein uitkozen. Hoewel zij gratis huisvesting en voedsel kregen, zouden zij een eeuw lang de sfeer in de stad diepgaand bepalen.
De Arme Zusters Clarissen zetelden in het kloostergebouw naast de begraafplaats in de Molenstraat. Zij waren contemplatief, dat wil zeggen zij baden in afzondering en stilte voor het zielenheil van de bevolking. De enige luchthartigheid rondom hen was dat mensen die mooi weer verlangden aan de poort een worst konden afgeven, waarna de zusters voorbidding pleegden. Lekenmannen waren aan de poort niet welkom, want de zusters mochten alleen mannelijke religieuzen aankijken. Voor het overige schrééuwde het klooster op een indirecte manier menselijke zondigheid uit; en het is te hopen dat de generaties zusters achter slot en grendel een beetje gelukkig zijn geweest.
Schuin tegenover hen huisden de Kapucijnen; hun voormalige kerk is nu onderdeel van het Jan van Brabant College. Kapucijnen verschenen wel op straat, maar toonden zich als minderbroeders in materiële zin letterlijk ieders mindere. Hun ruwe pijen, ongetrimde baarden en blote voeten in sandalen illustreerden dat zij luxe en bezittingen flauwekul  vonden. Zij mochten zelfs niet met geld omgaan, en een hardnekkig gerucht wilde dat zij in doodskisten sliepen om permanent op het hiernamaals voorbereid te zijn (het waren echter kribben met stro). Lees verder »

8reacties

logo of embleem van Helmondse HeldenHelden hebben een omgeving nodig. Verdwijnt die omgeving dan verdwijnen zij insgelijks. Slechts een enkeling ontsnapt hieraan doordat hij tot een hogere heldenhemel is toegelaten, vanwaar hij als een eenzame engel op ons neerkijkt.
Willem Prinzen (1847 – 1919) is misschien wel de meest bewonderde Helmonder ooit, in Helmond maar ook daarbuiten. Aan zijn fysiek lag dat niet. Hij was klein van stuk, had een bolle buik, een loensend oog, een vlasbaard en een hoge kikkelende lach: je reinste kabouter. Ook zijn gedrag imponeerde niet steeds. Een journalist beschreef ooit hoe hij hem in de Eerste Kamer, waarvan hij jarenlang lid  is geweest, aantrof. Tijdens de lange redevoeringen zaten zijn collega-senatoren in de groene banken genoeglijk te dutten, maar Willem viel op doordat hij hóórbaar snurkte.
Desondanks was hij een man van gezag en gaven. Zijn van origine Duitse familie dreef in Helmond een stoomweverij en handelde van oudsher in boter. Van de bevriende familie Jurgens kreeg Willem het patent om in zijn geboortestad margarine te vervaardigen, wat een bijzonder lucratieve aangelegenheid werd. Hij sloot met dezelfde familie joint ventures voor vestigingen in Antwerpen en Goch, zonder dat hij zich met de dagelijkse gang van zaken bemoeide, want dat deed zijn jongere broer Anton. Toen deze Anton stierf hield Willem de productielijn in Helmond nog enige jaren aan, maar verkocht deze uiteindelijk aan Van den Bergh, die samen met Jurgens Unilever zou oprichten. In 1910 was Willem de vierde rijkste inwoner van Brabant, met een geschat vermogen van omgerekend naar nu 32 miljoen euro.

Lees verder »

34reacties

logo of embleem van Helmondse HeldenHelmond heeft een slechte naam, zo klaagt menig Helmonder. Wel, het is een feit dat de stad een lange traditie van onaangepastheid kent. Tot na de oorlog verschafte de lokale industrie veel arbeiders een zulk laag inkomen dat stropen en smokkelen hun aantrekkingskracht behielden. Alcohol kon vervolgens de immense zorgen doen vergeten – maar niet heus: het was lallen en brallen aan de tap. In die ambiance ontstond algauw respect voor lieden die louter aan de zelfkant opereerden. Als enige voorwaarde gold dat zij ‘eerlijk’ dienden te zijn, dat wil zeggen: niet gewetenloos.
De beroemdste ‘eerlijke boef’ in deze contreien was Hans Gruijters (1925 – 1980), alias de Zwarte Ruiter. Hij kwam uit een Beek en Donks gezin van maar liefst eenentwintig kinderen; misschien nog een factor bij dit alles, want in zulke grote gezinnen ontspoort makkelijk iemand.
Mooie Hans, nummer twintig, wilde vanaf zijn vroege jeugd niets liever. Na de oorlog trouwde hij met een meisje uit Mierlo-Hout, bij wie hij ook introk, en hij stortte zich direct op de wildste vorm van smokkelarij, met beschietingen en achtervolgingen. Mettertijd kreeg de politie hier steeds beter vat op, waardoor Hans noodgedwongen switchte naar de zwarte handel in auto’s. Een leger van sjacheraars stond hiervoor in de regio paraat, maar pingelen ging hem niet goed af en hij specialiseerde zich met succes in seriële inbraak.
Met de politie constant op zijn hielen hing hij steeds openlijker de ongrijpbare bandiet uit. Een volksheld die buurtkinderen met zijn pistool liet spelen en in zijn stamcafé rondjes weggaf. In de wijde omtrek wist iedereen dat hij een dief was, maar hij spaarde zijn achterban en gedroeg zich hoffelijk en joviaal: een gentleman die boven de massa uitstak. Lees verder »

2reacties

logo of embleem van Helmondse HeldenVan alle landelijke politici die Helmond heeft opgeleverd, is niemand zo’n uithangbord voor de stad geweest als Frans Joseph van Thiel (1906 – 1993).
We hebben D66-minister Hans Gruijters gehad, maar die voelde zich naar eigen zeggen geen Helmonder, al was hij dat wel, in de zin dat hij het Helmonderschap in zichzelf leek te bestrijden: hij lachte zo min mogelijk, zelfs een grijns kon er met moeite af, en hij zag er geen bezwaar in tijdens de ministerraad onverstoorbaar boekjes te lezen. Nu lees ikzelf ook graag boekjes, maar volgens mij schort er iets aan je Wille und Vorstellung als je dat doet terwijl je collega’s over staatszaken delibereren.
Momenteel hebben we CDA-fractievoorzitter Pieter van Geel, die weer onomwonden voor het Helmonderschap heeft gekozen en wel voor de liefste variant ervan. Hij weet niet hoe beminnelijk hij moet kijken en als hij praat is het net alsof hij uit drie ambtelijke stukken tegelijk voorleest.
Frans Joseph van Thiel daarentegen was een natural. Als minister, maar meer nog als voorzitter van de Tweede Kamer kreeg hij het voor elkaar zelden iemand te irriteren en toch zichzelf te blijven. Wel vroeg je je bij hem soms geïmponeerd af: Is joviaal zó joviaal en is Bourgondisch zó Bourgondisch? Anderzijds kon hij een jezuïtische gestrengheid uitstralen, want hij was allerminst behaagziek. Wanneer hij neutraal keek zag hij er zelfs bars uit, zeker toen hij met het ouder worden diepe gezichtsplooien kreeg. Maar dat was nog altijd een barsheid die anderen inwendig deed giechelen, omdat zij een paradox behelsde: een woest uitziende beer van wie iedereen wist dat het een goedzak was. Lees verder »

34reacties

logo of embleem van Helmondse HeldenEr bestaan maar liefst twee biografieën over Helmonds beroemdste voetballer Willy van der Kuijlen (1946).
Skiete Willy is van Jan Winkelmolen, een fan uit Gemert. Hij meldt oneindig veel feiten uit de loopbaan van Mister PSV. Slechts zijdelings komt ook diens armoedige jeugd aan het Sassenplein aan bod. Nog tot in de jaren vijftig, aldus de schrijver, werd in die buurt met Kerstmis bij menigeen gebraden kat geserveerd. Wie zei daar dat Helmonders geen Kattenmeppers waren?
Willy was de beste is van Rob van der Zanden, oud-hoofdredacteur van het tijdschrift Johan, gewijd aan Johan Cruyff.  Dit gegeven is pikant, omdat Willy van niemand zoveel last heeft gehad als van Mister Ajax. Van der Zanden schrijft ook uitvoerig over het Brabantse minderwaardigheidscomplex waaraan zowel PSV als Willy zouden hebben geleden. Ik wil best geloven dat die club last had van zo’n complex, maar voor Willy gold dat minder, want hij bezat van huis uit een Helmonds minderwaardigheidscomplex en dat was eigenlijk over toen hij in Eindhoven werd gevraagd. Helmonds was misschien wel dat hij vanaf dat moment weinig eisen meer stelde en zijn club trouw bleef terwijl hij jarenlang zuchtte onder een trainer die hem niet lag. En misschien net zo typisch: liever dan zich na zijn actieve carrière in Amerika financieel te laten vollopen dreef hij een bescheiden sportzaak op de Markt. Lees verder »

18reacties

Vandaag de eerste uit een lange reeks Helmondse Helden die t.z.t. in boekvorm gaat verschijnen. Hierin gaat Jef de Jager onze stad portretteren aan de hand van figuren uit het (recente) verleden. Jef is schrijver en cultureel antropoloog. Misschien ken je hem nog van het boekje De Helmondse ziekte, kijk anders eens op Wikipedia. Wij wensen Jef alle succes en de Helmonders veel leesgenot. Heb jij een Helmondse Held die niet mag ontbreken, plaats die suggestie dan in een reactie.


logo of embleem van Helmondse HeldenIs er nog iemand die de boeken van Maria van der Steen (1906 – 1987) leest? Zij is in mijn ogen een heldin. Nu moet ik eerst vertellen wat ik daaronder versta. Mensen die onverschrokken dingen doen, zeggen mij weinig. Zulke figuren treden op in noodsituaties, maar worden meestal gedreven door sensatiezucht of prestatiedrang. Nee, een held is een persoonlijkheid die als voorbeeld kan dienen. Een enkeling heeft dat van huis uit, anderen hebben ervoor moeten vechten.
Maria van der Steen, geboren als Annie Pepers, had het lang in zich om helemaal geen heldin te worden. Haar vader was een rijke boerenzoon uit het Belgische Hasselt, die echter als een tempelier zoop en zijn gezin met negen kinderen in etappes ten gronde richtte. Een krot tegenover het kerkhof in Mierlo-Hout leek van deze teloorgang de gewelddadige eindbestemming. Maria’s moeder werd geslagen, de kinderen werden geslagen. Gekrijs, honger en smerigheid. Maria besloot al vroeg naar een beter leven op zoek te gaan. Wat bleek hierbij? Ze kreeg minder te stellen met haar bazen dan met haar eigen mensen. Lees verder »